Opname van de Raadhuisstraat omstreeks 1900, gezien in zuidelijke richting. Het hoge huis aan de linkerkant was het woonhuis van A. van Vliet, waarachter de sigarenfabriek stond. Links vooraan is nog een deel van de voorgevel van "de Vergulde Wagen" zichtbaar.

Sigarenmakersoproer in Aarlanderveen (1896)

Omstreeks 1860 deed een nieuwe vorm van huisindustrie aan de Lage Zijde van Aarlanderveen zijn intrede. Diverse sigarenmakers begonnen namelijk hier hun produktie. In 1896 vonden in deze bedrijfstak stakingen plaats die werden gevolgd door onlusten waarbij zelfs de marechaussee moest worden ingezet. De gebeurtenissen bleven bekend onder de naam sigarenmakersoproer.

Waarom de sigarenmakers zich speciaal aan de Lage Zijde vestigden, is niet geheel duidelijk. Het makkelijke en relatief goedkope vervoer van grondstoffen en produkten over water zou een reden geweest kunnen zijn. De aanwezigheid van voldoende goedkope arbeidskrachten zal een bijkomende reden geweest zijn. Deze tak van industrie draaide voornamelijk op handkracht en had veel arbeiders nodig. Door de aanhoudende agrarische crisis aan het einde van de negentiende eeuw, was er grote werkloosheid onder de landarbeiders. Veel van deze mensen waren dus maar wat blij dat zij hun brood in de sigarenindustrie konden verdienen, ondanks de arbeidsomstandigheden die verre van ideaal waren. De werkdagen waren lang, twaalf tot dertien uur werd er gewerkt en dan ook nog zeven dagen in de week tegen een lage beloning. Een volwassen man verdiende ongeveer 6,00 gulden en een kind 1,50 gulden per week. Veel van de sigarenarbeiders bleven dan ook niet lang bij hun werkgever. Als er elders meer te verdienen was, waren zij weer snel vertrokken. De verhouding tussen werkgever en werknemer was doorgaans niet al te prettig. Het kon dan ook niet uitblijven dat er conflicten zouden ontstaan, mede door de sociale bewustwording van de arbeiders die zich hadden verenigd in vakbonden.
Eind juli 1896 brak er een staking uit bij sigarenfabriek A. van Vliet aan de Raadhuisstraat vanwege het feit dat twee arbeiders werden ontslagen, omdat zij lid waren van de Sigarenmakersbond. Alle werknemers verklaarden zich solidair met hun collega's en legden het werk neer. Er werd gepost voor de fabriek om te voorkomen dat werkwilligen naar binnen zouden glippen. De stakers werden financieel ondersteund door de bond. Zij eisten van Van Vliet dat hij de twee ontslagenen weer in dienst zou nemen en het arbeidsloon zou verhogen. Van Vliet ging op deze eisen niet in en trachtte met hulp van de politie de staking te breken. De aanwezigheid van veel nieuwsgierigen en het optreden van de politie liet de spanning hoog oplopen. De ramen van het woonhuis van Van Vliet werden een aantal keren ingegooid en ook braken er relletjes uit.
Vanwege de voortdurende onrust besloot loco-burgemeester Van Niekerk op 6 augustus een samenscholingsverbod in te stellen. Zeven rijksveldwachters kwamen de politie versterken om dit verbod te handhaven. Bij een charge van de veldwachters werd een 17-jarige jongen door een bajonet in zijn rug verwond. Dit optreden deed de beoogde rust geen goed. De spanningen liepen dermate hoog op dat op 7 augustus een detachement van 25 huzaren uit Leiden moest komen. Tevens kwamen nog drie rijksveldwachters het aantal ordehandhavers versterken, zodat er in totaal veertig man politie en militairen aanwezig waren.
Zaterdag 8 augustus bleef het de hele dag onrustig. Mensen werden door de politie achtervolgd en er vonden enkele arrestaties plaats. De kroegen bleven 's-avonds gesloten. Mede door het kalme optreden van burgemeester J.W. van der Lee, die vervroegd van vakantie was teruggekomen, verliep de zaterdagavond rustig. Maandag 10 augustus vertrokken de huzaren weer naar Leiden, maar de rijksveldwachters bleven. In de avonden en nachten werd er volop gepatrouilleerd. De staking bleef voortduren, maar toch werden er weer sigaren gemaakt omdat werkwillige jongens onder politiebegeleiding naar hun werk werden gebracht.
De tweede helft van de maand augustus verliep vrij rustig, maar de staking was nog steeds niet beëindigd. Pas op 23 september verscheen in de plaatselijke krant "De Rijnbode" het bericht dat de staking voorbij was en dat reeds elf arbeiders aan het werk waren. De bond ondersteunde de stakers namelijk niet meer, zodat zij elders werk moesten zoeken. Twee vakbondsbestuurders vertrokken met hun gezin naar Amsterdam. De staking had voor de betrokkenen niets opgeleverd en de politiebewaking had de gemeenschap veel geld gekost.

Literatuur: < li>F. de Wilde, 'Wonen en werken langs de Oude Rijn', in: Op pad in Rijnstroom en Beerendrecht (Alphen aan den Rijn 1992) 69-70.



Reactie plaatsen




bijlage of video toevoegen





Houd mij op de hoogte van reacties op mijn inzending

Ik ga akkoord met de voorwaarden

* Verplicht invullen

Zoek direct in:

Selecteer wat u zoekt:

Of zoek in:


Plaats

Handel en nijverheid

Terug naar

Handel en nijverheid

Spoorlijn Alphen aan den Rijn-GoudaOorlogsmonument ZwammerdamOorlogsmonument KoudekerkHoutzaagmolens Zwammerdam